Nederland begint met
Michael van Gerwen en
Gian van Veen aan de
World Cup of Darts, maar volgens
Vincent van der Voort draait het niet alleen om kwaliteit. In
Darts Draait Door wees hij vooral op de onderlinge samenwerking als cruciale factor.
Op papier beschikt Nederland over een ijzersterk duo, maar de grote vraag is hoe de twee zich als koppel gaan gedragen. Juist daar zit volgens Van der Voort de onzekerheid.
Samenwerking Van Gerwen en Van Veen onder vergrootglas
Van der Voort maakte duidelijk dat het niet vanzelfsprekend is dat twee topspelers ook automatisch een topkoppel vormen. Zeker bij een landentoernooi komt daar veel meer bij kijken dan alleen goed gooien. “Het is natuurlijk van Veen die een beetje ontspannen moet zijn. En nou ja, we kennen Michael”, zei Van der Voort. Daarmee doelde hij op de dominantie van Van Gerwen, dat in een koppelwedstrijd zowel een wapen als een risico kan zijn.
Even later volgde de kern van zijn analyse. “Hoe gaan zij samen spelen? Dat is de grote vraag. Hoe gaan ze met elkaar om ook?”
Niet forceren in voorbereiding
Volgens Van der Voort moet Nederland vooral oppassen dat er niet te veel wordt geforceerd in de voorbereiding. Hij denkt dat beide spelers hun eigen ritme moeten houden. “Iedereen zijn eigen voorbereiding laten doen”, zei hij. “Je weet zelf wel wat goed voor je is.”
Daarmee hintte hij erop dat het onverstandig zou zijn om koste wat kost alles samen te doen. Van der Voort ziet meer in een natuurlijke samenwerking, zonder opgelegde routines aan de oefenbaan of achter de schermen.
Nederland kan ver komen, maar vorm moet er wel zijn
Ondanks zijn twijfels over de chemie ziet Van der Voort absoluut kansen voor Oranje. Hij gelooft dat Nederland op een goede dag zelfs het beste team kan verslaan. “Als die met z’n tweeën een klik hebben en het gaat lekker, dan is dat wel het beste koppel wat we hebben”, aldus Van der Voort.
Zelfs een stunt tegen topfavoriet Engeland sluit hij niet uit. “Dan zouden ze Engeland kunnen verslaan. Tuurlijk. Daar ben ik van overtuigd.” Dat maakt Nederland meteen ook een van de interessantste landen van het toernooi. Niet omdat de kwaliteit ontbreekt, maar juist omdat het verschil tussen mislukking en succes mogelijk zit in iets ongrijpbaars als samenwerking.